Tijdens de toogdag worden provincies en het Rijk bijgepraat betreffende de werkzaamheden van het Waddenfonds. Aan het bod komen niet alleen de staat van de natuur, maar ook waar de subsidie voor de leefbaarheid in dit grote gebied naartoe is gegaan en wat daarmee is gedaan.
Bij binnenkomst liep je gelijk een projectenmarkt op, waar je je kon laten informeren bij stands met projecten. Een paar van de projecten die aan bod kwamen waren:
Zicht op zilt
Er is onderzoek gedaan naar wat je kan met zilt water. Telers krijgen steeds meer te maken met het verzilten van het water en om toch toekomstperspectief te houden is er onderzoek gedaan naar wat er mogelijk is in zilte grond. Op die manier zijn er nieuwe inzichten ontstaan en zijn er boeren die, die omarmd hebben.
Wadden gastronomie.
Met de gewassen die op zilte grond verbouwt zijn, zijn er nieuwe smaken gegeven aan bijvoorbeeld bieten en aardappelen. Wat kan je daar mee? Inmiddels is er een kookboek met recepten waarmee je heerlijke gerechten kunt maken van producten die van de zilte grond komen.
Helderse molen De Goede Verwachting.
Een oude molen is met behulp van een subsidie van het Waddenfonds volledig gerestaureerd in zijn oude glorie en wordt weer gebruikt om van tarwe meel te maken.
Frisse wind door het reddingmuseum.
Het oude redding museum was uit zijn jasje gegroeid en niet alle geschiedenis van de KNRM was daar meer in te huisvesten. Bij het 200 jarige jubileum is met behulp van het Waddenfonds het museum verbouwd.
Kortom prachtige initiatieven om de leefbaarheid op peil te houden en oude glorie niet verloren te laten gaan.
De dag begon met een mooie natuurfilm over de staat van de Wadden een schitterend natuurgebied dat de status Wereld Erfgoed meer dan waard is. En op die status moeten we zuinig zijn. Zelfs met alle opgaven waar we in Nederland voor staan moeten we opletten dat dit niet ten koste van de natuur in de Waddenzee gaat. Dit zou zo maar de status Wereld Erfgoed kunnen kosten. De Waddenkust is een wijd gestrekt gebied, daarom wordt er niet alleen gekeken naar Noord Holland, Groningen en Friesland, maar ook naar Duitsland en Denemarken. Met deze landen wordt regelmatig gepraat over de plannen die we hebben, want elke ingreep die wij plegen in de Waddenzee kan gevolgen hebben voor de gebieden in Duitsland en Denemarken.
Na het openingswoord van Gedeputeerde Mathijs de Vries voorzitter van het dagelijks bestuur werden we uitgenodigd om deel te nemen aan kennissessies. Tijdens zo’n kennissessie ben ik het havengebied in geweest om op bezoek te gaan bij een aantal projecten. Natuurlijk mocht een bezoekje aan het reddingmuseum niet ontbreken.
In de middag vertelde kustecoloog Katja Philippart iets over de staat van de Waddenzee aan de hand van een diapresentatie. In begrijpelijke taal nam ze ons mee in de uitdagingen die ons staan te wachten. Want langer wachten kan niet er moet echt iets gebeuren anders zullen er stukken van Nederland na 2100 onder water verdwijnen. Er moet heel veel CO2 (stikstof) gereduceerd worden en dat moeten we met zijn allen doen, niemand uitgezonderd.
Minister Karremans had een toespraak over het belang van de Waddenzee en hoe bijzonder mooi de natuur daar is en dat we zuinig moeten zijn op de Wereld Erfgoed Status en dat het moeilijk is om daar goed zorg voor te dragen met alle belangen die er spelen.
Ter afsluiting sprak de voorzitter van het Waddenfonds Commissaris van de Koning de heer Arno Brok. Daarna was er nog even tijd om na te praten onder het genot van een drankje en een hapje. Gewapend met heel veel informatiefolders en boeken en ruim 200 foto’s gemaakt te hebben ging ik moe en vol informatie weer huiswaarts.
